Follow Up: “Zakelijk Directeur” STEIM

Sinds deze zomer is Lars Brouwer de nieuwe Zakelijk Directeur van STEIM, het eens zo legendarische platform voor elektronische muziek in Amsterdam. Culturele vacatures is nieuwsgierig naar hoe de nieuwe baan bevalt, maar ook naar de ontwikkelingen die het geluidslab momenteel doormaakt en naar Brouwers ambities voor komende twee jaar.

Rustig op de winkel passen is er voor Brouwer niet bij, maar daar is hij ook de persoon niet naar. Het is een spannend jaar, waarin de organisatie zichzelf deels opnieuw moet uitvinden. Een jaar ook dat bepalend zal zijn voor de toekomst. Enerzijds viert de pioniersorganisatie haar 50e verjaardag met tal van activiteiten. Tegelijkertijd is er veel werk aan de winkel: er moet nieuwe huisvesting komen, uitbreiding van activiteiten en doelgroepen, nieuwe geldstromen moeten worden aangeboord. Lees meer over de uitdagingen aan de zakelijke kant van de kleine culturele sector.

Museumnacht bij STEIM met werk van Fedde ten Berge

Wat doet STEIM precies?

STEIM ontwikkelt zich momenteel als internationaal netwerklab voor artistiek onderzoek naar muziek en geluid in de kunsten en in relatie tot design en architectuur. De eigen onderzoeksagenda richt zich met name op geluidskunst: verbindingen tussen geluid/muziek en fysieke ruimte of gebruiksvoorwerpen en digitale akoestische objecten en nieuwe toepassingen in andere sectoren. Zo willen we het best klinkende restaurant ter wereld maken en dagen we makers uit om mobiele geluidskunstwerken te ontwikkelen.

Hoe is STEIM 50 jaar geleden ontstaan?

STEIM viert dit jaar zijn 50e verjaardag en is voor een specifiek publiek een legendarische plek. Het werd in 1969 opgericht als STudio voor Electro-Instrumentale Muziek door Reinbert de Leeuw, Louis Andriessen, Misha Mengelberg, Jan van Vlijmen, Peter Schat, Dick Raaymakers en Konrad Boehmer. Deze componisten gingen op de bres voor vernieuwing van het toenmalige landschap in de klassieke muziek en eisten meer waardering voor uitvoering van moderne klassieke muziek. Deze componisten waren in die tijd ook betrokken bij Aktie Notenkraker waarbij een voorstelling onder leiding van dirigent Bernard Haitink in het Amsterdamse Concertgebouw werd verstoord met een hoop kabaal.

Ook bepleiten ze de eerste publieke fondsen voor experimentele en geïmproviseerde elektronische muziek in Nederland. Ze kregen een budget aangeboden voor hun collectieve multimedia-opera “Wederopbouw”, die in 1969 in première ging op het Holland Festival. In deze tijd werd veel geëxperimenteerd met synthesizers. STEIM introduceerde niet alleen die muziektechnologische aspecten, maar ook de manier waarop je ermee kon omgaan. Componist Michel Waisvisz, de latere artistiek directeur van STEIM, heeft een pioniersrol gespeeld in die ontwikkeling van sensoren. Hij kreeg internationale bekendheid door zijn met de handen aanstuurbare elektronische muziekinstrumenten. Tegenwoordig is dat gewoon, denk maar aan de Nintendo Wii Controller waarbij je beweegt en er van alles gebeurt. Of dat als je je telefoon draait er van alles gebeurt, maar dat was vijftig jaar geleden onmogelijk.

Je bent nu vier maanden aan de slag. Hoe bevalt de baan en waarom vond je de vacature interessant?

Ik zit er inmiddels goed in en het bevalt ook enorm goed. De reden dat ik geïnteresseerd raakte in deze vacature, was dat mijn eigen doelstelling en de doelstelling van STEIM mooi overeenkwamen. Mijn eigen doelstelling was dat ik een andere kant op wilde bewegen, deels de cultuursector uit. Ook in de vacature van STEIM was de vraag om de organisatie te laten veranderen en groeien duidelijk aan de orde. Dat betekent verder kijken dan de podiumkunsten-hoek waarin STEIM al 50 jaar actief is en op zoek gaan naar hoe je met muzikaliteit en geluid andere domeinen kunt bedienen. Ik ken de wereld van de elektronische muziek goed en ik heb er ook een idee bij hoe ik de ingrediënten in mijn rugzak kan inzetten in andere sectoren. Als STEIM alleen in de culturele wereld had willen blijven, dan had ik vriendelijk bedankt voor deze baan.

Ik heb altijd gedacht: er zit veel meer in dan eruit komt bij STEIM

Eigenlijk was ik helemaal niet op zoek naar een vaste baan, toen ik de vacature langs zag komen. Ik had net vier jaar in een organisatie gewerkt en was na een burn out gaan freelancen en die projecten liepen en lopen goed. Maar, ik had in het verleden gezegd: als er ooit bij STEIM een plekje vrij komt, dan weet ik wel raad met die club. Ik ken STEIM uit mijn studietijd. Ik vond dat er heel interessante dingen werden ontwikkeld, maar ik vond het ook een beetje een in zichzelf gekeerde organisatie. Ik heb altijd gedacht: er zit veel meer in dan eruit komt. Het is mijn drang om mensen en organisaties van buiten erbij te betrekken en toen ik deze vacature zag, dacht ik: dat zou STEIM wel kunnen gebruiken. Ik besloot te schrijven en toen kwam van het een het ander.

Wat deed je hiervoor?

Ik heb drie jaar als directiesecretaris en een jaar als waarnemend directeur gewerkt bij Vlaams Cultuurhuis De Brakke Grond. Vroeger had ik nogal een uitgesproken mening over de cultuursector, omdat ik vond dat er te veel subsidiegeld doorheen gejaagd werd. En dat de dingen die werden georganiseerd te weinig effect hadden of te weinig nut opleverden of slechts voor een klein, elitair publiek. Op een gegeven moment dacht ik: ik kan er wel een grote mond over hebben, maar misschien moet ik er onderdeel van worden om te kijken of ik er ook wat aan kan veranderen. Dat was voor mij de reden om die baan bij De Brakke Grond aan te nemen.

Ik wilde leren hoe je bij zo’n soort cultuurorganisatie in een periode van vier jaar een beleidsplan doorwerkt. Bij sommige projecten is het goed gelukt om meer effect te resulteren bij een breder publiek en bij andere projecten is dat minder goed gelukt. Een geslaagd project was bijvoorbeeld het Oorzakenfestival in 2015, waarin de podcast centraal stond. Dit festival bestond uit een breed programma met voor ieder wat wils. Ook het publiek was een mix van geïnteresseerden, amateurs en professionals op het gebied van radiomaken en podcast. Het was een project met impact en effect, waarin we zowel met grote partners als de VPRO konden samenwerken, maar waarbij bezoekers ook aan de hand van een podcast door de wijk met buurtbewoners in contact kwamen en er nieuwe netwerken en samenwerkingsprojecten zijn ontstaan.

Bij De Brakke Grond heb ik veel geleerd en het was ontzettend leuk, maar ik heb er ook ontzettend veel uren ingestoken en een burn-out gehad. Na vier tropenjaren ben ik weggegaan. Ik dacht: wil ik eigenlijk nog wel in de cultuursector werken? Toen ben ik heel andere projecten gaan doen op het gebied van interim-leiding, advies, coaching aan ondernemers, en ik twijfelde nog steeds of ik terug wilde naar die wereld. Totdat ik deze vacature tegenkwam.

Wat is je takenpakket bij STEIM?

Als Zakelijk Directeur ben ik samen met de algemeen directeur verantwoordelijk voor de strategische koers van de organisatie, voor de dagelijkse leiding op de vloer en voor de financiële aspecten die daarbij komen kijken. Omdat we heel klein zijn, betekent dit dat ik vanmiddag ook de facturen moet betalen. Daarnaast is het mijn opdracht om veel naar buiten te gaan om met partners te spreken en te kijken wie de juiste partners zijn voor welk project en om plannen te maken met oog op subsidieaanvragen, zodat ook het financiële verhaal helder wordt.
Tegelijkertijd is er ook aansturing nodig op de vloer. Maar ik kan niet allebei, want ik heb maar drie dagen in de week. Ik moet nu tegen het team zeggen: ik ben een dag in de week op kantoor en de andere twee dagen probeer ik zo veel mogelijk buiten te zijn. Daar moet iedereen wel aan wennen.

Geluidskunstwerk van Marco Barotti, onderdeel van expositie microTONE bij STEIM

Waar ben je deze periode concreet mee bezig?

STEIM is een club die al 50 jaar bestaat en die de laatste tijd te maken heeft gehad met flink wat subsidiekortingen. Er moet eigenlijk weer nieuwe energie komen en er moet ook meer concreet resultaat worden gegenereerd. Het is een netwerklab, dus een plek waar veel wordt geëxperimenteerd en onderzocht, maar soms blijven concrete resultaten daarbij op de plank liggen, terwijl die wel van nut kunnen zijn voor de ontwikkeling van een bepaald vakgebied, bijvoorbeeld voor productontwerpers of zorgprofessionals waarmee we samenwerken. Het eerste waar ik me nu op richt, is zorgen dat de projecten waarmee we aan de slag gaan, ook gaan leiden tot concrete resultaten.

Het tweede waar ik mee bezig ben, is zorgen dat we die resultaten ook op de juiste manier aan de buitenwereld weten over te brengen. Dat heeft STEIM afgelopen 50 jaar wisselend gedaan, mede omdat het een niche-wereld is. Het is belangrijk daarvoor de juiste mensen samen te brengen en dit netwerk te activeren, zodat daar continuïteit in komt te zitten. Je moet wel leren om je muzikale jargon om te zetten in begrijpelijke taal, bijvoorbeeld als je met zorgprofessionals om de tafel zit.

Daarnaast lopen eind 2020 de subsidies af en moeten er plannen worden geschreven voor de periode daarna. Dat is komende maanden de belangrijkste taak van mij en mijn mededirecteur. STEIM krijgt subsidie van het Stimuleringsfonds voor Creatieve Industrie en Amsterdams Fonds voor de Kunst. Een klein deel van de inkomsten genereren we via verkoop van software en hardware en vooral via het verzorgen van onderwijs, maar dat aandeel moet groter worden. Ik zie onder meer kansen in MKB-subsidies, onderzoeksubsidies. Die heb je ook in onder andere de zorg, maar daarvoor moet je wel de juiste partners aan boord hebben en daar zijn we nu mee in gesprek. Het is nog te vroeg om dat te kunnen verzilveren. Om daar stappen in te zetten, moeten we dus ook inzetten op onze huidige subsidiëringsmogelijkheden.

Ook de huisvesting is onderdeel van het takenpakket. We moeten ons huidige pand over een jaar verlaten en zoeken nieuwe huisvesting. De uitdaging is dus best wel groot. We zitten nu samen met Theater Frascati en kunstinstelling De Appel in een voormalig schoolpand vlakbij station Lelylaan in Amsterdam West, dat een tijdelijke bestemming heeft als broedplaats. Eind december 2020 moeten we eruit. We zijn heel actief op zoek, maar het klimaat is lastig. De vraag is of Amsterdam betaalbaar is of dat we misschien de stad moeten verlaten. Er zijn diverse opties die samenhangen met onze nieuwe plannen en projecten.

Hoe wil je de move maken vanuit het artistieke domein naar het maatschappelijke domein?

Ik had meteen ideeën over hoe je geluid en muziek kan inzetten in andere domeinen in plaats van alleen maar te kijken naar het snijvlak van de culturele en creatieve sector waarin STEIM tot nu toe actief was, dus bijvoorbeeld in verbinding met maatschappelijke sectoren als zorg en onderwijs.
Als je effect wilt hebben, zijn er volgens mij twee dingen van belang: ten eerste is ontmoeting van onschatbare waarde. We moeten voortdurend ontmoetingen faciliteren met mensen die geïnteresseerd zijn in datgene wat je te bieden hebt, in ons geval muzikaliteit. Mensen samenbrengen zorgt ervoor dat ze uiteindelijk weer nieuwe ideeën gaan genereren die leiden tot nieuwe projecten, die binnen STEIM weer kunnen landen. In de tweede plaats moet je je tegelijkertijd heel bewust zijn van wat er in de buitenwereld leeft en hoe je je als organisatie daartoe verhoudt. Is er ook behoefte aan waar je voor staat? En bij wie?

Geluid dringt sneller bij je binnen dan beeld en werkt dus heel primair

Het lastige is dat geluid en muzikaliteit in algemene zin en ook in het maatschappelijke domein vaak ongrijpbare en onbekende factoren zijn. Mensen zijn zich vaak helemaal niet bewust dat geluid een grote impact heeft op je omgeving. Geluid dringt sneller bij je binnen dan beeld en werkt dus heel primair. Kijk maar eens een film zonder geluid, dan merk je wat voor impact geluid eigenlijk heeft op je beleving. Die impact kun je ook in andere domeinen toepassen en zo bijvoorbeeld de akoestiek in een restaurant verbeteren, waardoor je een veel fijnere avond hebt. De kunst is om mensen de waarde te laten inzien om wat met muziek en geluid te doen.
De kracht van STEIM is dat we vanuit een artistiek perspectief nieuwe oplossingen verzinnen voor bijvoorbeeld een akoestisch probleem of voor andere zaken die spelen in de maatschappij. Zo heeft iemand bij ons een lamp ontworpen met een akoestisch dempende kwaliteit en die zijn we nu aan het testen bij kunstenaarssociëteit de Kring. De lamp moet zowel esthetisch zijn als akoestisch effect hebben.

Muziek en geluid zijn ook heel primaire vormen van communicatie. Die muzikale waarde kun je ook in een andere context gieten. Juist omdat het zo primair is, kan het bijvoorbeeld voor zwaar autistische kinderen die niet kunnen praten of voor dementerende ouderen een functie vervullen. STEIM is dan de experimenteerplek om een stap verder te komen bij een bepaald vraagstuk. We zijn momenteel hierover in gesprek met een aantal zorggroepen. Toevallig heb ik vandaag een afspraak staan met een mogelijke (zakelijke) partner. Als je bijvoorbeeld met vijf partners, met ieder zijn eigen expertise, een MKB-subsidie voor een project aanvraagt, sta je sterker dan als je dat in je eentje doet.

Makers in geluidsstudio bij STEIM

Wat heb je in deze baan aan je achtergrond als muziektechnoloog?

Ik ben inderdaad opgeleid als muziektechnoloog aan de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht. Als muziektechnoloog houdt je je bezig met muziek en met technologische processen, dus hoe je vanuit een idee uiteindelijk een product kan realiseren. De meeste muziektechnologen worden opgeleid tot sounddesigner of multimediacomponist of ze komen terecht in de muziekproductie.
Ik ken die wereld goed, maar ik was een vrij atypische muziektechnoloog, die altijd op een toegepaste manier bezig was in de creatieve sector en in werelden daarbuiten. Ik ben in projecten verzeild geraakt waarbij ik bijvoorbeeld samen met mode- en video-ontwerpers en muzikanten tot een groot resultaat moest komen voor een opdrachtgever. Mijn rol lag vaak in het ontwerpen en sturen van die processen. Maar ik ben van huis uit muziektechnoloog en dat komt goed uit, want muzikaliteit en technologie is de basis bij STEIM.

Hoe wordt het 50-jarig jubileum gevierd?

Het jubileumprogramma bestaat uit twee delen. Afgelopen september hebben we met workshops teruggeblikt op het pionierswerk dat STEIM heeft verricht voor de muzieksector en dat inmiddels gemeengoed is geworden. Ook hebben we een diner georganiseerd met allemaal oud-medewerkers van STEIM, dat was voor mij ook ontzettend leuk om die te ontmoeten. Er zijn nieuwe componisten gepresenteerd op een meerkanaalsgeluidssysteem waarbij 360 graden rondom geluid weergegeven kan worden. En we hebben een avond gehad in het Muziekgebouw waarbij alle oud-artistiek directeuren van STEIM een cadeautje hebben gegeven door middel van een aantal concerten.

Het tweede deel van het jubileumprogramma is een symposium, dat komend voorjaar plaatsvindt, over het STEIM van de toekomst. Dat symposium gaat over de waarde en mogelijkheden van muzikaliteit binnen de zorg- en welzijnskant, die we samen met onze partners ontwikkelen en organiseren. Voor mij is zo’n symposium een belangrijk moment, mede om die partners allemaal bij elkaar te krijgen en omdat het mogelijk kan resulteren in nieuwe samenwerkingen. Zowel om ergens gezamenlijk de schouders onder te zetten of iets mogelijk te maken en soms ook om dingen financieel mogelijk te maken.

Wat vindt je het allerleukste aan je werk?

Wat ik het allerleukste vindt bij STEIM is het puzzeltje te leggen. Hoe gaan we zorgen dat wat we willen ook gaat gebeuren. En wat is daar dan voor nodig? En in welke stappen? Uiteindelijk ben ik dan toch weer gewoon een muziektechnoloog die processen ontwerpt.

In de rubriek Follow Up geven we gezicht en vervolg aan vacatures waarvoor via onze site is geworven. Heb jij ook een nieuwe baan gevonden via Culturele vacatures en vind je het leuk om mee te doen? Mail naar follow-up@culturele-vacatures.nl

In maart en april 2019 is voor deze vacature geworven via Culturele vacatures
Tekst: Mireille de Putter, Culturele vacatures
Datum: 12/12/2019