Cultureel Groen: duurzaamheid in de museumwereld

Zero waste in het Centraal Museum. Ook de poepluiers van het nijntje museum worden gerecycled.

Een stijgende zeespiegel, bosbranden, overstromingen of juist periodes van droogte; de gevolgen van klimaatverandering zijn overal op de wereld te voelen. In discussies over oplossingen wordt veelal gekeken naar overheden en grote bedrijven, wat voor milieumaatregelen nemen die? Ook musea, als maatschappelijke organisaties, denken steeds vaker na over dit onderwerp. Wat gebeurt er in de museumwereld op het gebied van duurzaamheid?

Musea organiseren doorgaans meerdere tentoonstellingen per jaar. Sommige daarvan gaan over duurzame onderwerpen. Zo besteedde Museum Boijmans Van Beuningen in de tentoonstelling ‘Change the System’ aandacht aan ontwerpers die nadenken over problemen als schaarste, conflict en meerstemmigheid. Het Museon heeft een vaste presentatie ‘Oneplanet’ waarin de vraag centraal staat: Hoe houden we met elkaar de aarde leefbaar en gezond? En het TextielMuseum presenteerde de tentoonstelling ‘Earth Matters’ over duurzaamheid op het gebied van design en mode. Directeur Errol van der Werdt zei over deze tentoonstelling: “Het TextielMuseum heeft alle ingrediënten in huis om bezoekers en gebruikers kennis te laten maken met de basisprincipes van het ‘maken 2.0’: personaliseren, duurzaamheid en de nieuwste technieken.”

Meta Knol, directeur van Museum De Lakenhal, schreef onlangs in NRC Handelsblad een betoog waarin zij pleit om minder blockbustertentoonstellingen te organiseren. Eén van de argumenten die zij noemt, is dat dit soort tentoonstellingen niet duurzaam is: “[Nederlandse musea] zijn in de afgelopen decennia collectief verslaafd geraakt aan groei. […] Het is ook allemaal totaal niet duurzaam, want voor elke tentoonstelling wordt het museale circus weer helemaal opnieuw opgetuigd.”

Kritiek
Sommige musea hebben kritiek gekregen op hun duurzaamheidsbeleid. Zowel in het buitenland als in Nederland werden er acties gevoerd bij musea die gesponsord werden door bedrijven als BP en Shell. Actiegroep Fossil Free Culture vindt dat bedrijven in fossiele brandstoffen kunst gebruiken om hun imago op te poetsen, terwijl ze bijdragen aan vervuiling van de planeet. ‘Artwashing’ noemen ze dat. De actiegroep vierde een feestje toen het Van Gogh Museum aankondigde de samenwerking met Shell te stoppen. Al gaf het museum aan dat dit niet kwam door de protesten, maar dat er een natuurlijk einde aan de samenwerking was gekomen.

Musea nemen stelling
Andere musea spreken zich juist sterk uit en nemen bijvoorbeeld stelling in het klimaatdebat. Museum Arnhem organiseerde de tentoonstelling ‘StormyWeather’ over klimaatverandering en sociale rechtvaardigheid en was daarnaast initiatiefnemer van een klimaatmars in Arnhem. Ook andere musea sloten zich aan bij de klimaatstakingen van scholieren in het najaar van 2019. Het Scheepvaartmuseum verzamelde de protestborden van klimaatstakers in ruil voor gratis toegang en voegde deze toe aan hun eigen presentaties op dit gebied. Het Prado Museum in Madrid gaf op een ludieke manier commentaar op de opwarming van de aarde en de stijging van de zeespiegel. Het Spaanse museum publiceerde samen met het Wereldnatuurfonds afbeeldingen van schilderijen uit de collectie, die lieten zien wat er zou gebeuren als het water komt. Zo kan koning Felipe IV, geschilderd door Vélazquez, nog maar net het hoofd boven water houden en zit een paartje onder een parasol van Goya in de aangepaste versie opeens in een vluchtelingenkamp. Het Prado zegt zelf op deze manier een bijdrage te willen leveren aan het maatschappelijk debat over klimaatverandering.

Facilitair
Ook achter de schermen kunnen musea zich inzetten op het gebied van duurzaamheid. Een museumgebouw gebruikt bijvoorbeeld ontzettend veel energie vanwege alle klimaatinstallaties om de kunst te beschermen. Meerdere musea zijn bezig met verduurzaming van hun gebouweninstallaties. Dit levert naast energiebesparing vaak ook een kostenbesparing op.

Een ander aspect is het aanpakken van de afvalstromen in musea. Erwin van Veen, senior medewerker Vastgoed en Veiligheidszorg bij het Centraal Museum is bezig om het museum ‘Zero Waste’ te maken. Dat wil zeggen dat de afvalstromen zoveel mogelijk worden gerecycled en er zo min mogelijk restafval overblijft. Van Veen vertelt hierover: “het blijkt dat je nog 60% van het restafval kan nasorteren, dat vind ik interessant, veel musea doen dat niet.” Het museum heeft nu te maken met een grote reststroom afval. Dit beter sorteren levert milieuvoordelen op en bespaart ook kosten. Het vergt wel een nieuwe organisatie van het ophalen van het afval. In het museum wordt afval al goed gescheiden, maar op kantoor veel minder. Daar zit dus nog een uitdaging.

Het Centraal Museum wil ook de materialen van tentoonstellingen beter hergebruiken. Sokkels, lichtarmaturen, vitrines en wanden worden deels gerecycled. Het scheelt dat het museum een eigen technische dienst heeft die bijvoorbeeld vitrines makkelijk kan aanpassen voor een volgende tentoonstelling. Ook andere musea lopen er tegenaan dat tentoonstellingsmaterialen niet altijd worden hergebruikt. Sinds een aantal jaar zet de website MuseumGoed zich in om minder van deze objecten weg te gooien. Naar eigen zeggen wil MuseumGoed hiermee “een collectieve ‘hub’ […] worden voor duurzame tentoonstellingsbouw en collectief beheer.”

Er zijn dus veel initiatieven op het gebied van duurzaamheid in de museumsector, waarmee musea proberen hun steentje bij te dragen aan het klimaatvraagstuk. Naar verwachting zal dit in de toekomst op nog grotere schaal gebeuren. Zo kan Felipe IV toch de voeten droog houden.

Tekst: Sophie Heijkoop, Culturele vacatures
Datum: 28/02/2020